
Maaike Spee is een van de zes vrouwelijke loodsen in de Rotterdamse haven, er werken ongeveer 450 mannen als loods.
Het verhaal van Maaike
Tijdschrift Flair publiceerde op 10 april 2026 het verhaal ‘Maaike werkt met alleen maar mannen’
Foto: Anniek Snoeijs
“Het eerste wat mensen vaak zeggen als ze horen dat ik loods ben is: ‘Zo, dat is zeker een mannenwereld!’ En ja, dat is het. Als een groot schip de haven in wil, stapt de loods aan boord. De kapitein stuurt, maar de loods zegt welke kant op, als een soort wegwijzer waardoor het schip veilig naar binnen en naar buiten komt.”
In de scheepvaart werken
“Als kind wilde ik juf worden op de basisschool. Maar ik deed vwo en dacht: nu moet ik gaan studeren. Ik koos voor biomedische technologie in Enschede en kwam bij een studentenvereniging met een zeilschip terecht. Tijdens een zeilwedstrijd liep er ook een team van de zeevaartschool rond. Ik heb de hele avond met die gasten staan praten. Dit is het, dacht ik. Ik ben geswitcht naar de zeevaartschool en daar heb ik nooit spijt van gehad. Ik begon met 88 studenten, onder wie zeven vrouwen, uiteindelijk bleven we met vijf vrouwen over.
Ik heb me nooit een buitenbeentje gevoeld. Mensen hebben bij een vrouw in een mannenwereld meteen een beeld. Ik denk dat veel vrouwen niet in de scheepvaart werken, omdat ze liever thuis willen zijn. Niet omdat het onveilig of vijandig is, maar omdat het leven aan boord en het ritme van het werk niet bij iedereen past. Je bent lang weg en leeft op elkaars lip, dat is intens. Als je daar oké mee bent, is het helemaal geen vrouwonvriendelijke wereld. Het is vooral een wereld met een eigen code. Toch denken mensen vaak: dat zal wel een kenau zijn. Onzin, je hoeft niet hard te worden om serieus te worden genomen. En je hoeft jezelf ook niet te vermommen. Tijdens mijn werk zit mijn haar in een knot op mijn hoofd, maar thuis heb ik het haar vaak los.”
Verbaasd
“Wat ik wel merk is dat mannen vaak verbaasd zijn over wat je kunt. Zeker bij grote schepen. Dan krijg je die blik van: mag jij dit varen? Dan leg ik rustig uit hoe het werkt. Die verbazing slaat dan vaak snel om in respect, maar je moet ze wel even voorbij die eerste reflex krijgen.Ik werk nu in de haven van Rotterdam, maar voordat ik loods werd, heb ik ongeveer tien jaar overal ter wereld gevaren. Dan zit je bijvoorbeeld twee maanden aan boord en twee maanden thuis. En ben je soms de enige vrouw aan boord. De sfeer met mannen is vaak veel directer. Ze kunnen grof zijn en maken vunzige grappen, maar ik ben zelf ook niet op mijn mondje gevallen.
Mijn collega’s zeggen weleens dat ze bij hun vrouw op de bank moeten uithuilen vanwege mijn zogenaamde ‘me too-momenten’, haha. Daarmee bedoelen ze mijn foute grappen of schunnige opmerkingen onder elkaar of in de groepsapp. Maar serieus: als iemand over een grens gaat, benoem ik het of ik stap eruit. Dat werkt meestal beter dan heel ingewikkeld doen.
Een voorbeeld? Op een schip waar ik voer, gingen we als het kon op zaterdagavond een drankje doen in de hut van een collega. Als er alcohol bij komt, verandert de sfeer. Dan ging er ook weleens porno aan. Op zulke momenten dacht ik: prima jongens, maar ik ben weg. Wat ik zelf het belangrijkste vind: ik probeer niet de politieagent van de sfeer te zijn. Ik ga niet boven op elke grap zitten, want dan is het niet te doen. Maar ik laat wel zien waar mijn grens ligt. Dat is de balans. Je komt in hun wereld, maar je hoeft niet alles te slikken. Je blijft jezelf, werkt goed, bent duidelijk en dan gaat het eigenlijk verrassend soepel.”